Opdrachten zijn geen leerdoelen
In veel lessen is het verloop helder en herkenbaar: leerlingen krijgen een opdracht, gaan aan het werk en leveren iets op. Dat geeft structuur en zorgt voor zichtbare activiteit. Tegelijkertijd schuilt daarin een risico dat minder zichtbaar is, maar grote gevolgen heeft voor wat leerlingen uiteindelijk leren.
Opdrachten zijn geen leerdoelen
In veel lessen is het verloop helder en herkenbaar: leerlingen krijgen een opdracht, gaan aan het werk en leveren iets op. Dat geeft structuur en zorgt voor zichtbare activiteit. Tegelijkertijd schuilt daarin een risico dat minder zichtbaar is, maar grote gevolgen heeft voor wat leerlingen uiteindelijk leren.
Wanneer opdrachten centraal staan, verschuift de aandacht gemakkelijk naar afronden in plaats van begrijpen. Leerlingen richten zich op wat ze moeten doen, niet op wat ze moeten leren. Een opdracht kan dan correct worden uitgevoerd zonder dat het onderliggende begrip echt wordt opgebouwd.
Om dat te doorbreken, helpt het om een stap terug te doen. Waar gaat het leren eigenlijk over? Het Doorloopje Grote vragen laat zien hoe een overkoepelende vraag richting geeft aan een les of lessenserie. Door het leren te verbinden aan zo’n centrale vraag, ontstaat samenhang. Leerlingen zien hoe verschillende onderdelen van de les bijdragen aan een groter geheel, in plaats van dat ze losse opdrachten uitvoeren.
Vanuit die richting wordt het mogelijk om leerdoelen scherper te formuleren. In Leerdoelen versus opdrachten wordt duidelijk dat opdrachten vaak te veel de plaats van leerdoelen innemen. Leerlingen weten wat ze moeten doen, maar niet wat ze moeten leren. Door leerdoelen expliciet te maken, ontstaat er meer houvast. Je kunt gerichter vragen stellen, feedback geven die ergens op aansluit en beter bepalen wanneer een antwoord daadwerkelijk goed is. Uit onderzoek naar effectief lesgeven blijkt bovendien dat duidelijke leerdoelen en succescriteria een van de meest invloedrijke factoren zijn op leerresultaten (o.a. Hattie).
Maar ook met heldere leerdoelen en samenhang is het leren nog niet vanzelf diepgaand. In het Doorloopje Maak het moeilijker wordt zichtbaar dat veel opdrachten blijven steken op een niveau waarop snelle, eerste antwoorden voldoende zijn. Door de lat bewust hoger te leggen – bijvoorbeeld door te vragen om uitleg, onderbouwing of vergelijking – worden leerlingen uitgedaagd om preciezer te denken en hun antwoorden beter te formuleren.
Wat deze drie Doorloopjes samen laten zien, is dat sterk onderwijs begint bij helderheid en opbouw. Eerst de richting bepalen, vervolgens expliciteren wat leerlingen moeten leren en tenslotte zorgen dat opdrachten diepgang vragen. Op die manier worden opdrachten geen doel op zich, maar een middel om leren daadwerkelijk te realiseren.
Tijdens de DigiDate ‘De sleutel tot sterke lessen: heldere doelen en een uitdagend ontwerp’ laten Thijs Risselada en Basten Berg zien hoe je deze stappen vertaalt naar je eigen lespraktijk, met concrete voorbeelden en toepasbare aanpakken.
- Wanneer: Donderdag 28 mei 2026
- Tijd: keuze uit 15.30 uur óf 19.30 uur
- Online dus gewoon vanaf je eigen (werk)plek, gratis en voor niets!
- Inschrijven = altijd een terugkijklink ontvangen, dus meld je ook aan als je nog niet zeker weet of je erbij kunt zijn
Wil je ervaren hoe je met kleine ingrepen groot verschil maakt in je klas? Meld je dan hier direct aan!