De Les Beginnen
Als zowel de leraar als de leerlingen goed op de hoogte zijn van de gedeelde verwachtingen en routines, dan is het vaak opmerkelijk hoe vlot en efficiënt een klas binnenkomt, gaat zitten en binnen een paar minuten aan de gang gaat met nieuwe leerstof. Om dit te bereiken moeten alle onderdelen van het proces bekend, bekrachtigd en ingeoefend zijn. Het is cruciaal dat dit proces een direct verband legt tussen gedragsmanagement en leren. Een goed begin van de les is het halve werk.
STEL BINNENKOMST- EN AANVANGSROUTINES VAST
Binnenkomst en aanvang van de les behoren hoog op je lijst van routines te staan als je Jouw Verwachtingen Communiceert en Routines Herhaalt. Bepaal nauwkeurig wat je van je leerlingen verwacht. Dit kan zijn dat ze op de gang moeten wachten of dat ze gelijk mogen binnenkomen; dat ze stil achter hun stoelen moeten wachten of meteen mogen gaan zitten en hun boeken pakken. Wat je ook beslist, maak van alle onderdelen een vaste routine en oefen die in.
SPREEK DE KLAS AAN; REGISTREER ABSENTIES
Neem aan het begin van de les even de tijd om verwachtingen helder te maken en positieve, op leren gerichte relaties en een gevoel van ‘erbij horen’ te bekrachtigen. Wij menen dat dit het best bereikt kan worden door een moment van kalmte in te bouwen waarin de leraar de klas direct aanspreekt, met veel oogcontact en zonder afleidingen. Dit kan bij het registreren van absenties of op het moment dat je de klas welkom heet en de leerdoelen gaat bespreken.
DO NOWS: EEN REPERTOIRE VAN STARTACTIVITEITEN
Ontwerp een klein repertoire van oefentaken waarmee de leerlingen vertrouwd zijn. Zorg ervoor dat je ze kunt laten starten met een eenvoudige (bord)aanwijzing. In Teach Like A Champion noemt Lemov dit Do Nows. Zorg voor routines waardoor de leerlingen weten dat ze hier zonder aansporing mee kunnen beginnen, of moeten wachten op een teken om te beginnen. Het doel is om ze zo snel mogelijk aan het denken te zetten.
PLAATS DE LES IN EEN CONTEXT
Als de klas na zo’n startactiviteit klaar is voor de les, zorg dan voor hun volle aandacht (Seinen, Pauzeren, Aandringen) en verken hoe de les aansluit op de vorige les en hoe hij in het bredere curriculum past. Op deze manier kaderen helpt leerlingen zelfregulatie ontwikkelen en schema’s opbouwen. In het ideale geval kent elke leerling het achterliggende doel van een willekeurige les.
BESPREEK DE SPECIFIEKE LEERDOELEN
In de vijf strategieën van Wiliam en Leahy is het verhelderen van leerdoelen een cruciaal element van formatieve evaluatie. Als we niet weten waar we naartoe gaan, komen we nooit aan! Leerlingen hoeven niet als robots leerdoelen in hun schrift te schrijven. Leerdoelen moeten uitgelegd, voorgedaan en besproken worden. Controleer op Begrip bij een aantal leerlingen; ga na of ze begrijpen wat ze gaan leren en waarom.